0523 - 522117
Erik Janssen van Uitvaartzorg Salland regelt en verzorgt uitvaarten in Hardenberg en omgeving. Hij wil met bewogenheid en passie iets betekenen voor mensen in een tijd van rouw en afscheid nemen. Het overlijden van een dierbare is immers een ingrijpende gebeurtenis.

Zorgsector en uitvaartbranche ‘ontdekken’ palliatieve zorgverlening

Palliatieve zorgverlening –  Als – na een ongeneeslijke ziekte – een patiënt overlijdt, nemen uitvaartverzorgers het werk over van de professionals uit de gezondheidszorg. Maar er is ook sprake van een zekere ‘overlap’ in de palliatieve zorg. Rijden ze elkaar daarbij in de wielen of heeft ieder zijn eigen rol.

Raakvlakken palliatieve zorgverlening en uitvaartzorg

Er zijn een paar raakvlakken tussen palliatieve zorgverlening aan de ene kant en de uitvaartzorg aan de andere. Allereerst hebben ze met dezelfde mensen te maken; de naasten van de patiënt worden de nabestaanden van de overledene. Een ander raakvlak is bijvoorbeeld ‘de laatste verzorging’. Soms wordt een lichaam na het overlijden direct overgebracht naar een uitvaartcentrum. Dan houdt het voor zorgverleners op dat moment op. Maar vaak is er sprake van enige handelingen van een zorgverlener – al dan niet samen met één of meerdere nabestaanden – die de laatste verzorging in gang zetten. Dat kan gaan om het sluiten van de ogen, het ondersteunen van de kin tot het wassen van de overledene en aankleden. Afhankelijk van plaats van opbaring (thuis, op de kamer van de zorginstelling of in een rouwcentrum) komt de uitvaartverzorger vervolgens in meer of mindere mate in beeld. En dient hij bijvoorbeeld voor de koeling te zorgen.

Palliatieve zorgverlening en voorgesprekken

Een derde raakvlak is steeds meer in opkomst: de voorgesprekken die uitvaartverzorgers voeren met de mensen voor wij zij ‘binnenkort’ een uitvaart zullen gaan verzorgen. De voorgesprekken gaan vaak veel verder dan alleen de praktische kant: Begraven of cremeren? Welke kist? Voorkeur van locatie? En andere specifieke wensen over de uitvaartplechtigheid. Een bepaalde groep mensen vindt het prettig om daarover het een en ander vast te leggen. En dan niet door de eigen familie te vertellen waar de uitvaartpapieren liggen, maar door er met een uitvaartverzorger over te praten. Dat hoeven niet alleen mensen te zijn die ernstig ziek zijn en daardoor weten dat ze op korte termijn zullen overlijden. Maar het zijn ook mensen die bijvoorbeeld op reis of vakantie gaan en het vast willen leggen voor ‘Stel dat we neerstorten of een ongeluk krijgen.’. Ook dan is het mogelijk om de uitvaartwensen vast te leggen.

Zorgsector en uitvaartbranche ‘ontdekken’ palliatieve zorgverlening

Bij de mensen die wel ziek zijn heeft het voorgesprek vaak een heel ander karakter. Het verschuift van een gesprek over ‘regelzaken’ naar levensafronding. Dat kunnen lange, maar ook erg persoonlijke en emotionele ontmoetingen zijn. Het is belangrijk om hiervoor voldoende tijd  uit te trekken. Ook komt het met regelmaat voor dat er meerdere gesprekken zijn. Niet alles kan en hoeft in één gesprek besproken en gezegd te zijn. Het kost vaak tijd om een vertrouwensrelatie op te bouwen waarin het veilig voelt om de dingen te delen. Tijdens dit soort gesprekken is niet alles uitvaart gerelateerd maar worden ook andere zaken besproken. Onderwerpen als medische wensen, terugkijken op het leven, je uitspreken naar je geliefden. Maar ook laatste wensen kunnen worden besproken.

Proactieve zorgplanning

Voorgesprekken die verder gaan dan de uitvaart gerelateerde onderwerpen en keuzes worden ook door professionals in de gezondheidszorg met hun patiënten gevoerd. Artsen en verpleegkundigen willen graag van hun patiënten weten wat hun wensen, behoeften, voorkeuren en verwachtingen zijn van de laatste levensfase. Deze gesprekken gaan over kwesties zoals: Waar wilt u sterven? Hoe denkt u over palliatieve zorg? Wilt u nog worden gereanimeerd? Enzovoort. Hoewel dergelijke gesprekken zich vooral op de toekomstige zorgbehoefte richten zijn er ook inhoudelijk raakvlakken met de voorgesprekken van de uitvaartverzorger. Zeker in het buitenland is het niet ongewoon om in deze context over uitvaartwensen te spreken. In Nederland is dit (vooralsnog) in mindere mate de norm.

Vooroordeel palliatieve zorgverlening

De opkomst van vroegtijdige zorgplanning is één van de belangrijkste ontwikkelingen in de palliatieve zorgverlening van de afgelopen jaren. Daarmee wil de sector afrekenen met het meest verspreide vooroordeel dat er rondom die zorgverlening bestaat: als zou dit zorg voor stervenden zijn. Het bestaan van dit vooroordeel was ook voor het ministerie van Volksgezondheid een belangrijke reden om een publiekscampagne over palliatieve zorg te starten, met als slogan: ‘Ik heb te horen gekregen dat ik doodga. Maar tot die tijd leef ik.’ Daarmee wil het ministerie benadrukken dat er nog heel veel tijd – vele weken, maanden of jaren – kan zitten tussen het moment van de diagnose  ongeneeslijk ziek en het moment van sterven. Met andere woorden: palliatieve zorgverlening staat niet gelijk aan terminale zorg. Terminale zorg is slechts een (laatste) onderdeeltje van palliatieve zorg.

Zorgprofessionals willen het liefst direct na de diagnose ongeneeslijk ziek met palliatieve zorg starten. Om die zorg – óók in de uiteindelijke terminale fase – zo goed mogelijk te laten zijn en uiteraard af te stemmen met de patiënt, is het vroegtijdig inventariseren van wensen en verwachtingen cruciaal. Zorgverleners die aan proactieve zorgplanning doen en uitvaartverzorgers die regelmatig voorgesprekken houden lijken daarmee grotendeels werkzaam te zijn in dezelfde doelgroep.

Nazorg

Een raakvlak dat zowel in de uitvaartbranche als in de zorgsector in ontwikkeling is, betreft de nazorg voor de nabestaanden. Uitvaartverzorgers doen dit bijvoorbeeld zelf in één of meerdere gesprekken na de uitvaartperiode of huren andere professionals hiervoor in. Met name kleine zelfstandige uitvaartondernemers maken daar serieus werk van.

Tegelijkertijd erkennen zorgverleners steeds vaker dat de zorg voor de patiënt en naasten niet mag ophouden als de patiënt overleden is. In het onlangs door koepelorganisaties van diverse beroepsgroepen vastgestelde Kwaliteitskader Palliatieve Zorg, staat ‘de meest ideale palliatieve zorg’ omschreven. Daarin wordt er expliciet op gewezen dat nazorg aan nabestaanden onderdeel van hun werk is. Dat dit in de praktijk nog niet gebeurt, heeft nauwelijks met die zorgverlener te maken, maar heeft meer met de overheid en/of de zorgverzekeraars te maken die deze zorg niet vergoeden. Hierin kunnen nog zeker stappen worden gemaakt. Hier ligt onder andere een taak voor de Tweede Kamer.

Opleidingen

Of dit op korte termijn gaat  gebeuren is afwachten. Palliatieve zorgverleners kijken ondertussen met smart uit naar de introductie van palliatieve zorg in de opleidingen van verzorgenden, verpleegkundigen en artsen. In Nederland kunnen studenten geneeskunde afstuderen tot arts zonder dat zij een ongeneeslijk zieke of stervende patiënt van dichtbij hebben gezien, laat staan gesproken, behandeld en begeleid. Verzorgenden en verpleegkundigen krijgen iets meer scholing, maar de huidige ‘handen aan het bed’ hebben er in hun opleidingen nauwelijks informatie over gekregen. Niet voor niets hamert de – in zorgkringen beroemde – longarts Sander de Hosson al jarenlang op de noodzakelijke verandering: ‘Palliatieve zorg is basiszorg, en iedere arts moet daarover kennis en kunde hebben’, schrijft hij regelmatig. Maar zover is het dus nog lang niet.

Zorgsector en uitvaartbranche ‘ontdekken’ palliatieve zorgverlening

Meer informatie

Wilt u doorpraten of zou u meer informatie willen over palliatieve zorg? Neem dan contact op met uw eigen huisarts en laat u erover voorlichten. Wilt u meer informatie over het vastleggen en bespreekbaar maken van een uitvaart? Dan kunt u contact met ons opnemen. Ook als u een uitvaartwensenboekje wilt aanvragen dan kan dat via onze website.

Voor deze blog hebben wij grote delen overgenomen uit een artikel uit Vakblad Uitvaart (november 2019).

Blog